Het is zondag, ik sta op, bedenk wat ik ga eten en spring op mijn fiets. Met de fiets ga ik boodschappen doen, onderweg zie ik allemaal oudere mensen op stap met hun rollator en dat maakt me blij, nostalgisch bijna. Daarna rij ik naar de bibliotheek, om nog wat boeken voor op reis uit te zoeken. Er hangt een gezellige sfeer en werkelijk iedereen komt daar: jong, oud, groen, minder groen. Ik had daar een totaal verkeerd beeld van, van de bibliotheek. Geklasseerd in mijn denkbeeldige geiten-wollen-sokken kolom. Dus ofwel ben ik ondertussen ook een geiten-wollen-sok-persoon (wat ik durf te betwijfelen) ofwel is het gewoon soms heel erg verrijkend je perceptie over dingen te laten varen en eens iets nieuws te doen.
De laatste tijd probeer ik elke ochtend voor ik opsta, drie dingen te bedenken waar ik dankbaar voor ben. Ik zet een kort meditatiemuziekje op, of niet naargelang mijn gemoed en de tijd die ik er aan wil spenderen. En dan bedenk ik 3 dingen. De eerste keer dat je daar aan begint lijkt het niet zo heel moeilijk. Typisch gaat het dan van: ik ben dankbaar voor mijn kinderen (de momenten dat je ze achter het behang wil plakken negeer je even 😉 ); ik ben dankbaar voor mijn werk, huis, partner, familie, vrienden,…noem maar op. Echter dat zijn de eenvoudig te vinden dankbaarheden, ze werken wel, maar het wordt nog leuker als je een beetje out-of-the-box begint te denken.
“Be thankful for what you have; you’ll end up having more. If you concentrate on what you don’t have, you will never, ever have enough.”
-Oprah Winfrey
Dat probeer ik zoveel mogelijk toe te passen, ook als ik onderweg ben. Op mijn fiets naar huis ben ik een gelukkig mens, ik ben dankbaar dat ik met de fiets naar de winkel kan. Dankbaar dat ik boeken heb gevonden. Ondanks dat ik ze aan mijn schouder moet dragen wegens het gegeven dat die lekkere watermeloen die ik heb gekocht heel mijn te kleine fietstas inpalmt. Dankbaar dat de zon schijnt, dat ik van mijn kleine struik lekkere framboosjes kan plukken, dat mijn katten op mij wachten als ik thuis kom (klinkt wel wat zielig haha), dat ik kleren heb om te strijken, een afwasmachine om uit te laden, een huis dat rommel heeft om op te ruimen, een tuin waar ik onkruid uit moet trekken, dankbaar voor die mooie vlinder die net passeert… Als je de “zaag” momenten probeert om te buigen in dankbare momenten, wordt het plots veel minder zwaar.
Je kan het ook samen met je kinderen proberen, elke morgen ga ik bewust 5min bij hun in beg liggen. Dat deed ik vroeger nooit, het was een hele ochtend afjagen en rushen. “Komaaaaan! We gaan te laat zijn!!” (alweer, time management is niet mijn sterkste punt, kan bevestigd worden door menig mens die me kent). Sinds ik elke ochtend 5min bij ze in bed blijf liggen om gewoon wat te praten, stil te zijn of dingen op hun rug te tekenen, gaat het daarna veel vlotter. Op een ochtend vond ik het dus tijd om het “3 dankbare dingen” idee te vertellen. Ik ging bij de meisjes in bed liggen, eerst bij de jongste. Toen ik haar vertelde dat ze 3 dingen mocht bedenken waar ze dankbaar voor was, was ze super enthousiast. Helemaal mee in het idee en ze bleef maar dingen verzinnen. Hoe zalig om te zien! Daarna ging ik bij de oudste in bed liggen, in mijn vrolijke ochtend staat, haar dezelfde opdracht verkondigen. Bij haar had ik minder succes. Ik kreeg de boodschap dat ik bedankt was, ik had net haar ochtend en dag verpest met mijn onnozelheden. 😀 Gezellig toch, hoe iedereen zichzelf kan zijn. Dat zijn mijn kleine geluksmomentjes 😉
Wat zijn jouw kleine geluksmomentjes? Vroeg opstaan, of extra lang blijven liggen? Een dagje luieren of sportief zijn? Als je de 3-dankbaarheden hebt getest, laat gerust weten wat je ervan vond!

Plaats een reactie